Het vermeerderen van de fuchsia

Bekijken we de manieren van het vermeerderen van de Fuchsia dan kan dat door: - stekken- scheuren- afleggen- zaaien- door een spontane mutatie van (een deel van) een plant.

Stekken, scheuren en afleggen hebben het voordeel dat men altijd tevoren weet wat men krijgt

Zaaien geeft altijd verrassing.

Stekken

Stekken kan op verschillende manieren.

Waterstek.
0nze grootouders deden het vrijwel uitsluitend met waterstek. Dat wil zeggen een stuk van een plant ter grootte van ongeveer 10 cm, werd in een potje met water gezet tot er voldoende wortels aan zaten om te worden opgepot.

Een variant op die methode waarmee binnen betrekkelijk korte tijd leuke resultaten te behalen zijn is de volgende:

In de herfst, als alle planten naar binnen gaan, moeten we snoeien. Gooi het snoeihout niet weg maar bindt het op een bosje. Maak het bosje niet te groot en bindt niet te strak. Zet het bosje of de bosjes in water maar zorg er wel voor dat het water maar een paar centimeter hoog staat en houdt het geheel op een temperatuur van ongeveer 18 graden C. Wat gebeurt er? Het snoeihout gaat wortelen en het kan worden opgepot. Daar zijn dan stukken bij van soms 40 cm lengte. Bij het oppotten vallen een heleboel stekken uit omdat de plant de waterwortel moet vervangen door een grondwortel. De waterwortel is namelijk niet in staat de plant uit de grond te voeden. Maar alles wat overblijft is dan ook in om keer geschikt om stam te worden. Willen we een stam kweken, dan komt nl. alleen de topstek in aanmerking.

Grondstek.
Tegenwoordig gebeurt stekken niet zoveel meer op water. De meeste stekken worden - ook door de amateurs rechtstreeks in de grond gezet. Dat is dan ook een grondstek.

Maar als we dan weten dat er waterstek en grondstek mogelijk is moeten we ook weten welke plantendelen daar dan voor gebuikt kunnen worden. Daarover straks meer.

Bladstek of hielstek.
De laatste methode van vermeerdering door stek die we hier nog willen noemen is die waarbij wel wordt gestekt, maar waarbij het stekken gebeurt met groene bladeren en een heel klein stukje van de stengel. Het is aardig om te zien wat er bij deze methode van stekken gebeurt. Dan namelijk wordt een slapend oog in het oksel tot groei "gedwongen" en als het oog gaat groeien doet het dat in de meeste gevallen ook rigoureus. Een opkomst met vier of meer scheutjes komt vele keren voor.

Stengel overlangs middendoor.
Een variant van deze bladstek is die waarbij men m stengeldeel middendoor snijdt en het blad met het doorgesne­den stengeldeel opzet.

Te gebruiken plantendelen bij water of grondstek.
Om op de vraag welke plantendelen moeten worden gebruikt voor het verkrijgen van een goede stek een antwoord te geven is het nodig eerst een aantal planten eens beter te bekijken. Bij dat bekijken zal als het goed wordt gedaan blijken dat er een groot aantal planten is waarvan het blad paarsgewijs en kruisgewijs staat. Dat wil zeggen twee bladeren paarsgewijs tegenover elkaar en de volgende bladeren haaks op de vorige.

Er zijn echter ook planten waarbij de bladeren niet in paren maar in aantallen van drie aan de stengel voorkomen. Ook zijn er nog planten waarbij zowel de paarsgewijze vorm als het drietal voorkomen.
Als u de keuze hebt tussen stekken met paarsgewijze bladeren en stekken met drietallen bladeren bedenk dan het volgende. In de meeste gevallen zal de stek waarvan de bladeren paarsgewijs staan in de lengte sneller groeien. Is het dus in korte tijd om een hoge plant begonnen dan is dit een goede oplossing. Wilt u echter een volle plant dan is de stek met drietallen bladeren in het voordeel. Immers, bij een stek met paarsgewijze bladeren geeft één keer toppen vier nieuwe scheuten, maar één keer toppen bij een stek met een drietal bladeren geeft meteen negen nieuwe scheuten. Nemen we een top‑ of een tussenstek? Die vraag kan eigenlijk alleen worden beantwoord wanneer men voor ogen heeft wat men met de op te kweken plant wil.

Een topstek is de stek die wordt genomen van het uiteinde van een stengel. Een tussenstek mist het uiteinde. De tussenstek kan dan ook niet aan de top doorgroeien. Er is immers geen top. Bewust wordt hierbij voorbij gegaan aan het fenomeen van de zogenaamd vervangende top. Gevolg?
Voor het kweken van een stammetje hebben we in ieder geval een topstek nodig. Voor het kweken van een struik of een hanger komt ook de tussenstek in aanmerking. Denk er bij het snijden van stekken wel om een goed scherp mes te gebruiken. Snijden is de beste oplossing en met een scherp mes krijg je een mooie gladde snee. Zoveel te gladder die is zo veel te kleiner is de kans op schimmel. Het is ook belangrijk om de stekken zo kort mogelijk te houden. Zoveel korter ze zijn zoveel minder kans er is op schimmel. Het opzetten van de stekken. Zijn we eenmaal zover dat de stekken zijn gesneden dan zullen ze moeten worden opgezet Er zijn mensen die zweren bij het opzetten in zo klein mogelijke potjes, vaak maar 5,5 cm potjes Het getal geeft de maat aan van de doorsnee van de potjes Erg klein dus. Anderen geven voorkeur aan een wat grotere pot b.v. 10 cm. Als u enige ervaring hebt met stekken en de door u gebruikte potten geven een bevredigend resultaat ga dan gewoon door. Er zijn immers veel wegen die naar Rome leiden. Tijdens de wortelvorming zijn een aantal factoren bepalend, n. l.- warmte- zuurstof- water licht- grond- eventueel wortelvorming bevorderende stoffen Warmte. Vooral in het vroege voorjaar is het belangrijk dat de stekken wortels kunnen vormen met zogenaamde bodemwarmte, dat wil zeggen dat de potten op een verwarmd oppervlak staan. De wortelvorming vindt dan namelijk veel vlugger plaats. Denk nu niet dat een hoge temperatuur altijd tot snellere wortelvorming leidt want dat is nu ook weer niet het geval. De temperatuur kan te hoog zijn. Als dat het geval is moet rekening worden gehouden met schimmelvorming en dan krijgt u nergens wortels aan. In het algemeenkan worden gesteld dat voor de snelste wortelvorming een temperatuur nodig is die ligt op ongeveer 20º C. Zuurstof. Zuurstof is nodig voor de celdeling die uiteindelijk leidt tot de wortelvorming. Water. Dat water voor planten onmisbaar is weet iedereen. Maar water ‑ en dan nog wel in een vorm dat het door een stek zonder wortels kan worden opgenomen ‑ is nog veel belangrijker voor pas gesneden stekken. Het is dan ook erg belangrijk dat het vocht kan worden opgenomen door het blad en daarbij past dan natuurlijk een hoge luchtvochtigheid.

Licht.
Licht is onmisbaar voor planten. Omdat de beste temperatuur voor de wortelvorming snel wordt overschreden als stekken in een afgesloten ruimte in de zon staan, is licht uit het noorden ideaal. We hoeven dan niet te schermen en we hebben toch met teveel licht en dus warmte. Worteling bevorderende stoffen. Het gebruik hiervan zal hoogst waarschijnlijk leiden tot een gelijkmatiger vorming van wortels. Niet alleen wordt de wortelvorming gelijkmatiger, die verloopt ook sneller en zal waarschijnlijk ook beter plaats vinden. Sneller betekent dat de stek niet alle energie hoeft te geven voor de vorming van de wortels en dat er dus energie over is om meteen na de wortelvorming sterk door te groeien. Beter betekent in dit verband dat de wortelvorming rondom de stek zal plaats vinden. Meestal is het zo hoe meer wortels hoe beter de plant zich kan ontwikkelen.
Een goede stof voor de wortelvorming bij het stekken is stekpoeder. De stekjes worden eenvoudig met het deel dat in de grond komt in de poeder gestoken, het teveel wordt eraf getikt en de stek gaat de grond in. Wortels kunnen worden verwacht op het deel van de stek dat met de stekpoeder in aanraking is geweest. Er is ook een wortelvorming bevorderend materiaal dat in water wordt opgelost en waarin de stekken kunnen worden gedompeld of dat later over de stekken kan worden gespoten. Dat laatste kan zelfs nog gebeuren nadat u hebt moeten constateren dat de wortelvorming niet op gang kwam. Het resultaat zal in dat laatste geval niet 100% zijn maar het wordt toch ook achteraf nog aanmerkelijk verbeterd.
Stekgrond. Voor gebruik als stekgrond komt in principe elke goede potgrond in aanmerking. Het verdient alleen aanbeveling om de grond te zeven zodat de grovere stukken uit de potgrond worden verwijderd.
Scheuren kunt u doen met de planten die u bijvoorbeeld in het voorjaar in de vrije grond hebt geplant Dat uitplanten in de vrije grond gebeurt bijna altijd iets dieper dan de plant eerder in de pot stond, en de plant maakt dan in vele gevallen wortels boven de oude potkluit. Als dat geval zich voordoet kan de plant na het in de herfst uitgraven en voor het oppotten gemakkelijk door scheuren (of in stukken knippen) worden vermeerderd.

Afleggen.
Bij het afleggen gaat men als volgt te werk. Een tak van een plant – meestal een die in de vrije grond staat omdat het in een pot veel moeilijker gaat ‑ wordt net in of op de grond gelegd en daaroverheen doet men een laagje grond. In feite gebeurt er dan hetzelfde als er bij scheuren gebeurt namelijk aan de bedekte tak komen wortels. Afhankelijk van de wortelvorming kan zo’n tak ook nog eens in stukken worden geknipt. Er zijn ook Fuchsia's die een soort wortelstok vormen. Wanneer je zo'n plant hebt kun je de wortel in stukken verdelen en oppotten. Ook dat is een vorm van vermeerderen
Zaaien.
Bijzonder is bij het zaaien dat men invloed kan uitoefenen op de eigenschappen van de plant (veredelen). Om invloed uit te oefenen op de eigenschappen van de plant moet men heel bewust te werk gaan en gaan kruisen met soorten met goede eigenschappen. Daardoor kan men ook van de gezaaide nakomelingen iets verwachten. Zaaien geeft in ieder geval nieuwe soorten. Nieuwe soorten ontstaan soms ook spontaan.

Spontane mutatie.
Van een spontane mutatie van een plant of een deel daarvan is sprake wanneer men tijdens het opkweken van een plant ontdekt dat een deel daarvan ineens uitgerust blijkt te zijn met andere eigenschappen. Dat was bijvoorbeeld bij Golden Marinka een goudkleurig blad.